|
GRIP vzw | Koningsstraat 136 | tel 02 214 27 60 | fax 02 214 27 65 | info@gripvzw.be | www.gripvzw.be |
| n°29: mei 2009 |
Extra nieuwsbrief GRIP Vlaamse verkiezingen 2009 - Printbare versie |
|||
Inhoud![]() |
|
|||
Inleiding |
Beste lezers, Mei 2009. We staan aan de vooravond van de Vlaamse verkiezingen. De politieke partijen doen al een tijdje hun best om de kiezers te bekoren met beloftes over toekomstige voorstellen. Sommige zaken zoals de economische crisis zijn een hot item in de pers. Van andere thema’s hoort men minder. Wat betreft een beleid dat personen met een handicap rechtstreeks ten goede zou komen, kunnen enkel de wachtlijsten in de zorgsector de jongste weken publieke discussie opwekken. Maar wat wil men verder doen om een stap dichter te komen bij gelijke rechten en gelijke kansen voor personen met een handicap? Welke visie hebben de politieke partijen hierop? Wil men volop gaan voor het invoeren van een persoonsgebonden financiering voor ondersteuning? Hoe gaat men werken aan inclusie op vlak van bijvoorbeeld werk en onderwijs? Hoeveel belang hecht men aan een goede opvolgingsgarantie van het nieuwe Vlaamse antdiscriminatiedecreet? Wat met het komen tot een beleidsparticipatie van burgers met een handicap die wérkelijk invloed uitoefent op de beslissingen? We legden de verkiezingsprogramma’s van de politieke partijen naast de strijdpunten van GRIP en bundelden het resultaat in een rapport. Het eerste artikel van deze thematische nieuwsbrief rond de Vlaamse verkiezingen 2009 vertelt hier meer over. Tijdens het Open-GRIP-parlement op 16 mei kregen 7 politieke partijen de kans om uit heel hun programma één opmerkelijk voorstel te halen en ons dit toe te lichten. Hierover kan u meer lezen in het tweede artikel. We nemen u dan verder mee in het politieke discours, maar zoomen nog verder thematisch in. Het derde item van deze nieuwsbrief bestaat uit het tekst- en videoverslag van het politiek debat over zorgvernieuwing, dat GRIP organiseerde op de REVA-beurs. Waarom gaat er relatief weinig aandacht naar beleid voor personen met een handicap? Misschien heeft de geringe politieke participatie van personen met een handicap hier iets mee te maken. GRIP zocht in een mini-onderzoekje op wie op welke lijst staat. Daarnaast gingen we ook praten met drie ervaringsdeskundigen die wel opkomen voor de verkiezingen. Een trio-interview. We presenteren u ook de campagne “Denk niet cliché. Stem niet cliché”, een oproep om divers te stemmen. Deze campagne gaat uit van gelijke Kansen in Vlaanderen, de administratie van Gelijke Kansen. Naast actieve participatie (zelf kandidaat zijn) vinden we ook passieve participatie (kunnen en mogen stemmen) belangrijk. Speciaal voor deze nieuwsbrief vroegen we aan Annemie Anthonissen om vanuit het Toegankelijkheidsoverleg Vlaanderen (TOV) op een rijtje te zetten wanneer je verkiezingen nu werkelijk toegankelijk kan noemen. Informeer u en veel leesplezier! Leon Verelst, voorzitter GRIP |
|||
Vers van de pers |
Vraagt u zich af met welke voorstellen over handicap de politieke partijen naar de verkiezingen trekken? GRIP stelde zich dezelfde vraag en analyseerde de verkiezingsprogramma’s van zes partijen. Wat is hun algemene visie over handicap? Welke punten namen ze over uit ons Politiek Manifest? Begin dit jaar hebben we hun ons manifest immers persoonlijk voorgesteld. En wat is hun visie op de afzonderlijke beleidsdomeinen? Het resultaat van ons onderzoek is nu gebundeld in een rapport van de partijprogramma's. Heeft u een voorkeur voor een bepaalde partij maar wilt u ook wel eens weten wat ze voorstelt op vlak van handicap? Blader dan zeker eens door het rapport. U krijgt er een overzicht per partij. In dit artikel maken we een algemene balans op per thema. We bekijken telkens eerst welke visie de partij heeft op handicap. Daarna behandelen we de thema’s uit ons Politiek Manifest. Tenslotte zoomen we in op een aantal aparte beleidsdomeinen zoals werk en onderwijs. Let op! Politici maken ook veel beloftes in debatten en dergelijke. Dit onderzoek baseert zich uitsluitend op de beloftes die werden neergeschreven in de verkiezingsprogramma’s. De manier waarop een partij tegen handicap aankijkt, zal voor een belangrijk deel bepalen welk handicapbeleid ze zal voeren, dachten we. De ene partij is hierover al explicieter dan andere. Sommige partijprogramma’s bevatten überhaupt veel visie als kader voor de maatregelen, anderen zijn daar enorm summier in. Bij Groen! worden de maatregelen vanuit het burgerschapsmodel voorgesteld: mensen met een handicap zijn evenwaardige burgers met recht op zelfbeschikking en inclusie. Specifieke maatregelen zijn wel nodig om dit mogelijk te maken. sp.a vertrekt duidelijk vanuit een sociaal model: mensen met een handicap maken deel uit van een maatschappelijk achtergestelde groep en er zijn specifieke maatregelen nodig om die achterstelling weg te werken. Open VLD legt de nadruk op de individuele vrijheid. Personen met een handicap moeten de vrijheid krijgen om eigen keuzes te maken. De regels moeten hen niet te veel in een bepaalde richting sturen. Dit is echter vrijblijvender dan bij de twee vorige partijen: men schenkt veel minder aandacht aan ondersteuningsmaatregelen om dit waar te maken. CD&V legt vooral de nadruk op het verzorgende en het beschermende. Bij LDD leiden we het volgende af: afhankelijk van hoe zwaar hun handicap is, kunnen mensen ofwel mee in de samenleving, ofwel niet. In dat laatste geval kunnen ze terecht in aparte voorzieningen. Bij N-VA is het zeer moeilijk om een uitspraak te doen. Dit partijprogramma is haast uitsluitend opgesteld uit concrete maatregelen. Het kader of de visie achter die maatregelen ontbreekt vaak. In februari verspreidde GRIP een Politiek Manifest voor de Vlaamse verkiezingen. We stelden dit ook persoonlijk voor aan zes partijen. Wat vinden we nu in hun verkiezingsprogramma's terug van de vijf speerpunten uit ons manifest? GRIP pleitte bij de partijen voor de algemene uitvoering van het PGB-decreet, de mogelijkheid om te kunnen kiezen voor directe financiering op verschillende domeinen zoals onderwijs en werk en het wegwerken van belemmerende regelgeving. Buiten CD&V en LDD vragen alle partijen de uitbouw van een systeem voor PGB. Sp.a wil van PGB een “reguliere werkmethode” maken. Open VLD benadrukt dat men bij het begin van de regeerperiode een termijn voor de uitvoering moet vastleggen. N-VA gaat zo ver om voor te stellen dat mensen die 6 maanden wachten op een voorziening automatisch een PGB toegekend krijgen. Het recht op ondersteuning koppelen ze dus meteen aan een persoonsgebonden financiering van die ondersteuning. N-VA pleit bovendien ook voor een directe financiering in andere sectoren, namelijk onderwijs. Samen met Groen! zijn ze daarmee de enige partij die dit instrument voor zelfbeschikking ook op andere beleidsdomeinen wil invoeren. CD&V wil eerst de resultaten afwachten van het experiment, dat de voorbije legistlatuur op de valreep werd opgestart. In het programma van LDD komt PGB niet voor. (Nochtans pleit LDD in sommige debatten wel voor PGB, maar dan vooral in combinatie met de Thomashuizen.) Alle partijen hebben het over het wegwerken van de wachtlijsten. Niemand benoemt echter bedragen. Sommige partijen zoals CD&V hebben het wel over een minstens even grote inspanning als in de voorbije legislatuur. We vrezen echter dat daarmee de wachtlijsten niet weggewerkt zullen zijn. GRIP stelt voor om meer informatie te bundelen: we moeten terecht kunnen in een eenvormig overheidsloket. Onze gegevens moeten gebundeld worden in een kruispuntdossier, met respect voor de privacy. We vonden geen concrete maatregelen die in de lijn lagen van onze voorstellen. Onder meer CD&V spreekt wel over één loket voor hulpmiddelen. GRIP pleit voor het uitbreiden van de bevoegdheid van het Centrum voor Gelijkheid van Kansen en voor Racismebestrijding (CGKR) naar Vlaams niveau en vooral ook de uitbreiding van middelen op personeels- en financieel vlak, gekoppeld aan de nieuwe bevoegdheden. Verder moedigen we aan dat België een voortrekkersrol opneemt voor een Europese richtlijn over discriminatie rond goederen en diensten. We dringen ook aan op een nieuwe regelgeving rond toegankelijkheid, die onder andere ook de gefaseerde aanpassing van bestaande gebouwen opneemt. Sp.a pleit voor het instellen van het CGKR als onafhankelijke interfederale instelling. Men heeft het echter niet over de noodzakelijke uitbreiding van middelen om die opdracht waar te maken. Geen enkele partij vermeldt het belang van een Europese Richtlijn. Vooral Groen! en NV-A en in tweede instantie ook sp.a besteden aandacht aan toegankelijkheid. Groen! gaat het breedst in de omschrijving van de domeinen die toegankelijk moeten worden en wat dit concreet inhoudt. GRIP pleit onder meer voor het opnemen van personen met een handicap als volwaardige doelgroep binnen een toekomstig gelijkekansenbeleid. Het uitwerken van een regelgevend kader voor inclusie effectenanalyse voor het opsporen van niet-inclusieve beleidsmaatregelen, zou een van de instrumenten moeten worden van een gelijkekansenbeleid. Sp.a pleit voor een minster voor gelijke kansen en diversiteit. Personen met een handicap worden genoemd als volwaardige doelgroep. De partij neemt het Vlaamse Gelijkekansen- en gelijkebehandelingsdecreet immers als basis en dit decreet neemt de groep mensen met een handicap op. Ook Groen! legt de nadruk op het belang van een gelijkekansenbeleid en een minister die de inspanningen van de andere ministers stimuleert en coördineert. Groen! gaat hier vrij diep op in en wil onder andere dat deze minister zorgt voor een periodieke meting van effecten van het beleid op kansengroepen. Hieruit spreekt de visie die GRIP ook met het voorstel rond inclusie effectenanalyse en de Inclusiespiegel Vlaanderen hanteert. Bij de andere partijen vinden we geen duidelijke visie annex maatregelen over gelijkekansen- of inclusief beleid voor mensen met een handicap terug. Open VLD wil wel een minister voor gelijke kansen, diversiteit, armoedebestrijding en samenlevingsopbouw. Het is echter niet duidelijk of deze minister dan zal vertrekken vanuit een integratie / aanpassingsvisie dan wel een gelijke kansen / inclusievisie. Het is evenmin duidelijk of Open VLD personen met een handicap dan als een volwaardige doelgroep zal opnemen. Gelijke kansen en LDD staan, afgaand op het verkiezingsprogramma, haaks op elkaar. GRIP pleit voor het structureel betrekken van ervaringsdeskundigheid bij beleidsprocessen. “Niets over ons, zonder ons” betekent onder andere dat we invloed moeten kunnen hebben op het beleid. De politiek ligt overduidelijk NIET van dit thema wakker. Enkel in het programma van Groen! wordt (zelfs herhaaldelijk) de nadruk gelegd op het belang van inbreng van personen met een handicap en hun verenigingen. Het programma van CD&V vermeldt wel het (algemene) Charter tussen de Verenigde Verenigingen en de Vlaamse regering.
We bekeken ook de maatregelen die men al dan niet voorstelt op afzonderlijke beleidsdomeinen zoals werk, onderwijs en mobiliteit. Inclusief beleid wordt immers waargemaakt binnen de verschillende beleidsdomeinen. Ook op vlak van werk pleit GRIP voor directe financiering via een rugzaksysteem. Hierdoor zou de ondersteuning georganiseerd kunnen worden door de persoon zelf (in samenspraak met de werkgever) en zou het geld efficiënter en enkel aan ondersteuning besteed worden. Jammer genoeg doet geen enkele partij hierover concrete voorstellen. Wat betreft de keuzemogelijkheid om in het reguliere circuit te werken, spreekt Groen! zich uitdrukkelijk uit voor inclusie van mensen met een arbeidshandicap. LDD ziet voor mensen met een handicap enkel in beschutte werkplaatsen een plaats. Open VLD pleit voor een samenvoegen van Werk en Sociale Economie om te kunnen werken aan de doorstroom van kansenjobs naar reguliere jobs. Groen! legt terecht de nadruk op het belang van de diversiteitsplannen en wil onder andere ook een diversiteitsbeleid bij overheidsbedrijven. CD&V ziet de eveneens terechte noodzaak om te werken aan de inactiviteitsvallen. Sp.a legt de nadruk op een voortzetting van het bestaande beleid, zoals bijvoorbeeld het werken via werkwinkels als toegangspoort voor de arbeidsmarkt. LDD is absoluut niet duidelijk hoe zij dit thema ziet. We leiden vooral af dat mensen naar een aparte werkvoorziening (beschutte werkplaats) moeten kunnen gaan. N-VA legt volgens onze lezing de rol van werkgever voor personen met een handicap bij de beschutte en sociale werkplaatsen. Algemeen vallen de voorstellen op vlak van werk ons wat tegen. We missen vooral concrete maatregelen die werkelijk de keuze voor integratie op de reguliere arbeidsmarkt zouden mogelijk maken. En zelfs op vlak van beschutte werkplaatsen vinden we geen visie over bijvoorbeeld innovatie. Voorstellen om tegemoet te komen aan de (toekomstige) noden in de beschutte werkplaatsen blijven uit. GRIP pleit op vlak van onderwijs voor een volwaardige keuzemogelijkheid voor inclusief onderwijs voor alle kinderen. Hiermee bedoelen we dat kinderen op hun eigen ritme en met de juiste ondersteuning kunnen deelnemen aan de school van hun keuze, ook in het gewoon onderwijs. We vonden dit vijf jaar geleden terug in de meeste verkiezingsprogramma’s. Op 10 jaar is er echter nog geen stap vooruit gezet op dit vlak. Je zou dan ook denken dat dit voor de politiek een belangrijk te realiseren punt is binnen dit beleidsdomein. Bij analyse van de verkiezingsprogramma’s valt dit echter erg tegen. Een punt waarop de partijen erg van mening verschillen, maar dat voor GRIP cruciaal is, is het inschrijvingsrecht voor alle kinderen in de school van hun keuze. Een dergelijk inschrijvingsrecht wordt enkel opgenomen door Groen! Sp.a formuleert op een voorzichtige manier dat inclusief onderwijs er enkel is voor kinderen voor wie dit mogelijk is (het huidige leerzorgkaderontwerp verleent geen inschrijvingsrecht voor kinderen met leerzorgniveau IV). LDD schrijft vlakaf dat kinderen met leerzorgniveau III of IV niet in het gewoon onderwijs thuishoren. Ook hier zien we grote verschillen tussen de partijen. Sommigen zetten in op een toegankelijker openbaar vervoer (bijvoorbeeld Groen!, N-VA en ook sp.a). Anderen (bijvoorbeeld LDD) willen investeringen in het openbaar vervoer drastisch verminderen. LDD wil zelfs belbussen afschaffen en vervangen door taxi’s waar mensen dan een soort van vouchers voor krijgen. Het is niet duidelijk of het aantal vouchers onbeperkt is… Met dit thema is het wel zeer pover gesteld. Open VLD hecht belang aan een diversiteitsbeleid via de beheersovereenkomst met de openbare omroep. Het blijft echter de vraag of dit vooral over etnisch-culturele minderheden gaat of bijvoorbeeld ook over personen met een handicap. De rest van de partijen vermeldt niets over een diversiteitsbeleid in media. N-VA en Groen! pleiten daarentegen wel voor een bredere toegankelijkheid van de media, bijvoorbeeld via ondertiteling.
Meer informatie: |
|||
Dossiers |
Op 16 mei had GRIP haar jaarlijkse Open-GRIP-dag. Deze draaide, hoe kan het ook anders, rond de Vlaamse verkiezingen. Zeven politieke partijen stonden tijdens de politieke markt klaar om tekst en uitleg te geven bij hun verkiezingsprogramma. Na deze informatieronde namen de aanwezigen deel aan een GRIP-parlement. Daar deed iedere partij een concreet voorstel rond handicapbeleid. Hieronder vind je een weergave van deze voorstellen.
Sp.a: Woonzorgzones Sp.a beet de spits af met een voorstel rond woonzorgzones. Dit zijn zones (bijvoorbeeld nieuwbouwwijken) waar alles integraal toegankelijk is, ook de woningen. In deze zones zou men dan ook zorgruimte voorzien, bijvoorbeeld onder de vorm van permanentie. Indien iemand assistentie nodig heeft kan men deze onmiddellijk oproepen zonder dat men daarvoor naar een voorziening moet. De sp.a wil dit koppelen aan een maximumfactuur voor zorg en voor wonen. Bij een maximumfactuur worden de aangerekende kosten gekoppeld aan het inkomen. Deze factuur zou ook opgesplitst moeten worden volgens woon- en zorgkosten. Zo wil men het factuursysteem van rusthuizen vermijden, waar die kosten samenzitten in één factuur. De sp.a vindt dit niet transparant genoeg en pleit er dus voor om ten allen tijde de woonkost en de zorgkost op te splitsen en aan beide een maximumbedrag te koppelen. Op die manier willen zij ook de welvaartstatus van personen met een handicap handhaven. Uit het publiek kwam ferme tegenkanting tegen de koppeling met het inkomen. Zo goed als niemand stemde dan ook voor het voorstel. Het is natuurlijk de vraag of het GRIP-parlement tegen het volledige voorstel gekant was. De sp.a combineerde immers verschillende ideeën en het thema van de woonzorgzones verdween tijdens de discussie wat op de achtergrond. Open VLD en N-VA: persoonsgebonden budget
Beide initiatieven werden positief onthaald door de aanwezigen. Ook het voorstel van Groen! draaide rond het PGB, maar hier ging het concreet over de mogelijkheden die je in de toekomst moet hebben. Groen! stelt voor dat mensen hun PGB ook kunnen aanwenden om gezamenlijk ondersteuning te organiseren door middel van het opstarten van coöperatieven. Door hun budgetten samen te leggen kan men immers de voordelen genieten van een schaalvergroting, bijvoorbeeld gezamenlijke administratie, organisatie van assistenten … Men heeft echter niet de nadelen want in een coöperatieve heeft de persoon zelf directe inspraak in de besteding van de middelen en de organisatie van de zorg. Deze coöperatieven zouden dus een vraaggestuurd alternatief zijn voor de huidige voorzieningen. Groen! pleit er dan ook voor dat de wetgeving die het PGB zal kaderen deze mogelijkheid openlaat. Ook dit voorstel werd positief onthaald door de aanwezigen, zij het met hier en daar een voorbehoud. LDD: Thomashuizen
CD&V: Eén-loket-systeem voor hulpmiddelen CD&V stelde voor om een één-loket-systeem voor hulpmiddelen uit te werken. Dit voorstel verdwaalde een beetje tussen een evaluatie van de voorbije regeerperiode en de discussie over de wachtlijsten. Bedenkingen uit het publiek waren onder andere dat de aanvragen nu erg verspreid zitten. Een deel zit bijvoorbeeld bij onderwijs en een deel bij werk. Men vroeg zich af of CD&V een visie heeft op hoe ze dit wil aanpakken. CD&V antwoordde hierop dat dit klopt en dat er een administratieve vereenvoudiging moet plaatsvinden. SLP: Vlaamse Ondersteuningspremie (VOP) SLP tot slot pleitte voor het verhogen van de Vlaamse Ondersteuningspremie. Dat is een loonkostsubsidie die het voor werkgevers aantrekkelijker moet maken om personen met een handicap aan te werven. Uit het publiek kwam de bedenking dat er niet zozeer een verhoging van die premie nodig is, dan wel een verandering van het systeem. Er zou meer individueel moeten kunnen worden gewerkt en de persoon zou zelf in samenspraak met de werkgever het geld moeten kunnen inzetten in functie van zijn/haar functioneren in de job. Er moet dus meer naar directe financiering gegaan worden op maat van de persoon dan gemiddelde bedragen toe te kennen aan de werkgever. Mogelijk was het omwille van deze bedenkingen dat het GRIP-parlement rood stemde op dit voorstel? |
|||
Dossiers![]() |
GRIP organiseerde een politiek debat op zaterdag 25 april, de laatste dag van de REVA-beurs. Op dat moment woedde volop de discussie over de wachtlijsten, uitbreidingen, besparingen en recht op zorg. Wij kozen dit moment uit om te vragen HOE de zorg best georganiseerd wordt en HOE de (verhoogde) middelen best worden ingezet. Elf sprekers bogen zich in twee uurtjes over het brede onderwerp van zorgvernieuwing. Vijf middenvelders en zes politici zaten op het podium. Een zevende partij (SLP) was vertegenwoordigd in het publiek. Moderator Trui De Maré (VRT) stond voor een moeilijke opdracht. Om enige structuur aan te brengen, was het onderwerp verdeeld in drie thema’s: 1) Vraagverduidelijking Het persoonsgebonden budget liep als een rode draad doorheen het debat. Over het PGB nam iedereen een duidelijke stelling in en sommige standpunten waren verrassend. Zoals altijd heb je voorlopers, mensen die meegaan en anderen die op de rem staan. Maar als het debat één ding heeft duidelijk gemaakt, is het dit: we hebben al een lange weg achter ons. De geesten zijn gerijpt. De videomontage is opgesplitst in drie delen. Daaronder kun je het uitgebreide verslag lezen.
In zijn welkomstwoord kaderde Patrick Vandelanotte (coördinator GRIP) het debat in de politieke campagne van GRIP en de mediacampagne over keuzevrijheid en zelfbeschikking. Daarna beet Peter Lambreghts (VGPH) de spits af. Hij stelde meteen dat personen met een handicap niet alleen zorg nodig hebben, maar vooral ondersteuning.
Vraagverduidelijking Om de zorg vraaggestuurd te maken moeten die vragen verduidelijkt worden. De één heeft daar al wat meer begeleiding bij nodig dan de ander maar iedereen zou de mogelijkheid moeten hebben om een beroep te doen op vraagverduidelijking. Ook – of zeker – mensen met een verstandelijke beperking. Er zijn al heel wat initiatieven ontstaan, sommige al jaren en jaren geleden: zo is er EEP (Eigen Ervaringsdeskundig plan, waar mensen met een handicap hun expertise en ervaringen uitwisselen), maar ook PTP (Persoonlijke Toekomstplanning, waarbij de persoon een netwerk rond zich heen vormt) en trajectbegeleiding (individuele begeleiding). Helaas is de financiering van die initiatieven erg versnipperd en sowieso niet voldoende. Ook rijst er een probleem wanneer de vraagverduidelijking niet onafhankelijk gebeurt, bijvoorbeeld door diensten begeleid wonen of thuiszorg. Helga Stevens (N-VA) benadrukte dat de vraagverduidelijking autonoom moet kunnen gebeuren, dus los van organisaties die zelf diensten aanbieden, en ook los van de administratie. Bart Caron (Groen!) trad deze stelling bij en betreurde dat voormalig minister van Welzijn Inge Vervotte hier geen oren naar had. Zij maakte het mogelijk dat trajectbegeleiding ook door dienstverlenende instanties kon gebeuren. Nieuwkomer Martine De Maght (Lijst Dedecker) gaf aan dat haar partij een groot voorstander is van zorg op maat, waarbij het individu centraal staat en de overheid minder moet betuttelen. Discutant Peter Lambreghts besloot met de opmerking dat vraagverduidelijking, de basis van vraagsturing en dus van zorgvernieuwing, eigenlijk een prioriteit zou moeten zijn. Maar voorlopig ontbreekt een globale visie, zowel in de politiek als bij de administratie. Voorzieningen willen een nieuwe, eenvoudige regelgeving Jo de Niel (PPG) en Frank Cuyt (Vlaams Welzijnsverbond) brachten gezamenlijk de Tom Dehaene (CD&V) gaf beide heren gelijk: de regelgeving is te complex geworden. Maar het VAPH heeft nu opdracht gekregen om hun versnipperde regeltjes in één overzichtelijke tekst te gieten. Op lange termijn moeten de regels beter op elkaar worden afgestemd maar daarvoor moeten we eerst de resultaten afwachten van het PGB-experiment. Bart Van Malderen (sp.a) toonde zich iets ambitieuzer: hij is voorstander voor een nieuw Masterplan voor de hele welzijnssector. Vera Van der Borght (Open VLD) is als liberale natuurlijk ook voorstander van een vereenvoudiging. Daarbij stipt ze aan dat de regels er nu soms toe leiden dat voorzieningen bijvoorbeeld het koken moeten uitbesteden. Dit kan soms goedkoper zijn dan de keuken herin te richten. Maar velen hebben schrik voor privatisering, terwijl die ook positieve kanten kan hebben. Thomashuizen Tijdens het debat viel herhaaldelijk het woordje “Thomashuizen”. Martine De Maght (LDD) is een groot voorstander van deze kleinschalige voorzieningen. De grote mastodonten van voorzieningen moeten op termijn worden afgebouwd. Een medewerker van Inclusie Vlaanderen stelde vanuit het publiek een kritische noot bij de Thomashuizen. Bij deze commerciële instellingen zullen enkel de rijken terecht kunnen. De bedragen van de huidige PAB’s en PGB’s zijn hiervoor veel te laag en moeten dan ook verhoogd worden. Bart Van Malderen (sp.a) trad de man bij in zijn waarschuwing voor een klassenzorg. Martine De Maght (LDD) benadrukte dat Thomashuizen zorg op maat kunnen leveren. Het PGB-experiment De insteek van de voorzieningen over een hervorming van de regels en het VAPH, bracht de politici al gauw op het persoonsgebonden budget (PGB). Tom Dehaene (CD&V) verwees er meteen naar: eens we het PGB hebben uitgetest, kunnen we conclusies trekken om dit systeem eventueel te verfijnen en de regels te hervormen. Vera Van der Borght (Open VLD) betreurde sterk dat het experiment er zo laat was gekomen en dat we al veel verder hadden kunnen staan. Voor Bart Van Malderen (sp.a) was dit precies zijn grootste verwijt naar de CD&V. Bart Caron (Groen!), de hoofdindiener van de resolutie, stelde dat het experiment er zelfs niet eens was gekomen, als hij niet samen met deze collega’s zo hard aan de kar getrokken had. Tom Dehaene verdedigde zich door te verwijzen naar de vorige legislatuur (vijf jaar geleden zat CD&V niet in de regering). Hij stelde ook dat vernieuwing zijn tijd nodig heeft, terwijl Bart van Malderen (sp.a) eerder voor een versnelde operatie was. Jo de Niel (PPG) waarschuwde er voor overhaast te werk te gaan, want het hele systeem moet fundamenteel veranderen. Maar nu is het wel tijd om eraan te beginnen. Hij benadrukte ook dat de hervorming moet gebeuren in overleg met alle betrokkenen van de sector. Frank Cuyt (Vlaams Welzijnsverbond) vreest vooral voor weerstand bij de administraties. Zij vrezen voor controleverlies en voor een exploderende kostprijs en kennen de gewoonte om te denken in termen van standaardproducten, eerder dan zorg op maat. Het publiek Voor en na de pauze kreeg het publiek de kans om enkele vragen te stellen. Helaas was er geen tijd om iedereen aan bod te laten en kunnen we ook niet in dit verslag alle tussenkomsten opnemen. Eén vraag willen we u echter niet onthouden. “Ik ben gewoon een persoon met een handicap,” zei iemand, “niet van één of andere organisatie. Ik kom eens luisteren of jullie dat wel menen, dat jullie met ons willen praten en niet alleen over ons.” De man pleitte vurig tegen de aanbodgestuurde zorg. Nu moeten de mensen zich aanpassen aan de voorzieningen en worden ze in een hokje geplaatst, ook door de administratie. Jo de Niel (PPG) antwoordde dat dit precies is wat zij ook zeggen. Voorzieningen willen rechtstreeks in dialoog gaan met de personen over de gewenste ondersteuning, rechtstreekse contracten afsluiten en rechtstreekse betalingen ontvangen van de persoon die de diensten ontvangt. Met andere woorden: een PGB-systeem. De man uit het publiek wilde graag dat Tom Dehaene nog even reageerde. De CD&V’er verwees naar het lopende experiment en wees terloops nog op het belang van mantelzorg, voor co-moderator Patrick hem er op wees dat het tijd was voor de koffie. Directe financiering: vijf eisen Jos Huys (GRIP) blikte terug op de voorbije legislatuur en stelde vast dat directe financiering stiefmoederlijk wordt behandeld. Het PAB maakt slechts 5% uit van het totale VPAH-budget. Bovendien gaan alle middelen van de Nationale Loterij en 75% van het uitbreidingsbeleid naar zorg in natura en het VIPA (voor de bouw van voorzieningen). Hij legde vijf concrete eisen op tafel: Hoewel deze eisen heel concreet zijn, gingen de politici slechts in op de eerste twee punten. Vera Van der Borght (Open VLD) waarschuwde i.v.m. punt twee dat de PAB overschotten geen structurele budgetten zijn. Als men zo’n overschot gebruikt voor een extra PAB, loopt men het risico dat men dit PAB voor het volgende jaar niet kan garanderen. Het eerste punt bracht de discussie naar een essentiële vraag over het PGB. Persoonsgebonden budget = HET nieuwe systeem? Bart Van Malderen (sp.a) stelde dat de verdeling van het VAPH-budget zal afhangen van de gebruikers zelf. Eens het PGB algemeen is ingevoerd, zal men kunnen kiezen tussen voorzieningen en persoonlijke assistentie of een combinatie van beide. Volgens hem mag het dan ook niet de bedoeling zijn om van het PGB een zorgvorm te maken naast PAB en zorg in natura. Het moet algemeen worden ingevoerd . Frank Cuyt (Vlaams Welzijnsverbond) bevestigde dat de voorzieningen één systeem willen. Op de vraag of hij voorstander is van een invoering van het PGB als algemeen systeem, herhaalde Tom Dehaene (CD&V) dat men de resultaten van het experiment moet afwachten. Misschien zal op termijn eventueel blijken dat dit een visie kan zijn. Terwijl de andere politici druk gesticuleerden bij deze afwachtende houding, schoot Vera van der Borght (Open VLD) bijna uit haar sloffen: “ Het is een roep van de hele sector! Ook de voorzieningen, zowel de pluralistische als de christelijke, beginnen in te zien dat het PGB het enige goede antwoord is.” Jos Huys (GRIP) mocht het thema afsluiten. Even was hij sprakeloos, verrast door het eensgezinde pleidooi voor PGB. Niettemin benadrukte hij zijn vijf eisen. Als men inderdaad voorstander is van directe financiering, kan men ook op heel korte termijn een verschil maken met enkele concrete maatregelen. Slotbeschouwing Nadat de politici elk hun visie over zorgvernieuwing hadden samengevat in 30 seconden, behield GRIP het laatste woord voor zich. Viviane Sorée had tijdens het debat verslag genomen en stipte de besproken aandachtspunten één voor één aan. In haar overzicht voegde ze per thema ook nog enkele stellingen of reacties toe. Een greep uit dit overzicht: Tenslotte trad Viviane Danny Reviers bij, die vanuit het publiek had opgemerkt dat niemand nog had gesproken over kwaliteit van bestaan. Dit is nochtans waar het allemaal over gaat. En kwaliteit van bestaan betekent: echte keuzes kunnen maken. Meer informatie over het PGB: |
|||
Sensibilisatie![]() |
Met deze oproep wordt de bezoeker van www.stemnietcliché.be verwelkomd. De campagne gaat uit van Gelijke Kansen in Vlaanderen, in opdracht van het Ministerie van Gelijke Kansen. De modale politicus heeft geen handicap. Daarnaast is hij man, hetero, getrouwd, van middelbare leeftijd, hoog opgeleid en autochtoon. Deze politicus is ongetwijfeld bekwaam, maar ook heel andere mensen, met andere kenmerken, zijn bekwaam. De campagne is géén vraag om alleen te stemmen voor iemand uit je ‘eigen groep’, omdat die op jezelf lijkt (even oud, even jong, holebi, allochtoon of niet, vrouw of man)” verduidelijkt men. “Het is wél een oproep om te kiezen voor een parlement en een regering die de bevolking weerspiegelen. Meer verscheidenheid bij de verkozen Vlaamse en Europese parlementsleden leidt tot een beter bestuur, en zet mensen met verschillende ervaringen bij elkaar om een beleid te voeren met aandacht voor iedereen. Meer informatie: |
|||
Dossiers![]() |
GRIP vind het belangrijk dat de stem van personen met een handicap vertolkt wordt op alle beleidsniveaus. En wie kan dit beter dan mensen met een handicap zelf? Daarom onderzochten we hoeveel personen met een beperking opkomen voor de volgende verkiezingen. Met andere woorden: kunnen we op 7 juni een bolletje kleuren bij een kandidaat met een handicap? En hoe groot is de kans dat die dan ook werkelijk in het Vlaams Parlement komt? Vlaamse verkiezingen: een aantal feiten op een rijtje Tijdens de Vlaamse verkiezingen worden de mensen verkozen die de komende 5 jaar in het Vlaams Parlement zullen zitten. Vlaanderen is verdeeld in een aantal kieskringen, deze komen overeen met de verschillende provincies. Iedere kieskring kan op andere mensen stemmen. Als je dus in West-Vlaanderen woont, kan je enkel stemmen op de mensen die op de lijst staan van de kieskring West-Vlaanderen en niet op mensen uit de kieskring Antwerpen. Wel op de lijst, maar niet verkiesbaar. De lange weg naar evenredige participatie Het bovenstaande maakt duidelijk dat er in het komende Vlaams Parlement vermoedelijk 1 persoon met een beperking zal zetelen. Dit is minder dan 1% van de verkozenen. Indien men wil uitgaan van een evenredige participatie (dit wil zeggen dat het aantal personen met een beperking in het parlement een weerspiegeling moet zijn van het aantal personen met een beperking in de samenleving) is er nog een lange weg te gaan. De vraag rijst dan uiteraard hoe het komt dat er zo weinig personen met een beperking op verkiesbare plaatsen staan of zelfs maar op een lijst staan. Welke drempels bestaan er voor mensen met een beperking om zich politiek te engageren? |
|||
Vers van de pers |
Dat er relatief gezien weinig personen met een handicap deelnemen aan de politiek weten we ondertussen al. Maar wat met diegenen die zich hiervoor wel engageren? Wat zijn hun drijfveren? Welke drempels hebben zij ervaren en hoe komt het volgens hen dat er relatief weinig mensen met een beperking zichtbaar zijn binnen de verschillende partijen? GRIP: Hoe ben je in de politiek terecht gekomen?
Helga: Heel wat mensen uit mijn familie zijn steeds actief geweest binnen de partij. Zelf ben ik advocate van opleiding. Bij het uitoefenen van dit beroep kwam ik er achter dat, hoewel het fijn is om voor individuele gevallen het verschil te maken, er ook structureel veel dingen moesten veranderen. Binnen de partij ben ik eerst actief geworden in een werkgroep rond de problematiek voor personen met een handicap. Van daaruit ben ik dan verder doorgegroeid tot waar ik nu ben. Armand: Ik ben vroeger reeds actief geweest als gemeenteraadslid in Waregem voor de, toen nog, SP. Ze hadden me daar gevraagd als vertegenwoordiger van de deelgemeente Beveren-Leie. Ook nu ben ik opnieuw gevraagd geweest en aangezien ik nog wel een beetje tijd had, wilde ik me hiervoor dan ook opnieuw engageren, maar deze keer voor Groen!. GRIP: Welke drempels heb je ervaren en hoe is men daarmee omgegaan?
Annick: Ik heb tot hiertoe weinig drempels ervaren en zeker geen sociale. Onze vergaderlokalen en dergelijke meer zijn perfect toegankelijk, dit was al zo toen ik bij de partij aankwam. Armand: Ook ik heb eigenlijk geen echte drempels ervaren. Enkel het letterlijke verschil in hoogte maakte het soms wat moeilijker, maar ik ben altijd mondig genoeg geweest om mensen dan te vragen om door de knieën te gaan voor mij, letterlijk dan! Je stoot echter wel op heel banale zaken. Tijdens mijn periode als gemeenteraadslid zat er zo bijvoorbeeld geen sleutel aan de binnenkant van het gehandicaptentoilet. Dit maakte dat ik op een dag even gestoord werd ‘op het gemak’ door de burgervader zelf. Op zo’n moment was het zeker handig om in de gemeenteraad te zitten en binnen de kortste keren was er dus wel een sleutel. Als je dit echter zou tegenkomen als je niet in de politiek zit, zou het waarschijnlijk wel wat meer voeten in de aarde hebben gehad. GRIP: Vind je dat pmH evenredig deel zouden moeten uitmaken van het beleid?
|
|||
Dossiers ![]() |
Integraal toegankelijk?
In eerste instantie denkt men aan een rolstoelgebruiker die in het aangepaste stemhokje zijn stem gaat uitbrengen. En dit is ondertussen in orde: in zowat alle gemeenten in ons land zijn er voldoende aangepaste stemhokjes, toch wat de grootte van het hokje betreft. Van dan af begint het minder te gaan: het werkblad blijkt wel eens te hoog, het potlood wil wel eens niet tot aan het verlaagde werkblad raken, de kiesbrieven zijn niet (genoeg) leesbaar, ‘assistentie naar keuze’ wordt niet toegestaan… Ondanks het feit dat stemmen een grondwettelijke plicht is in België, duurt het blijkbaar ontzettend lang voor mensen met een handicap zonder drempels KUNNEN gaan stemmen. Waar begint toegankelijkheid? Er is lang over gepraat over de Toegankelijke Verkiezingen met de verschillende partners en verenigingen die de belangen van de personen met een handicap verdedigen. De volgende opsomming geeft u een idee waar toegankelijkheid begint. Is hun programma toegankelijk voor iedereen? Dit wil zeggen: hebben zij een versie van hun programma beschikbaar in Grote Letter Druk of in gesproken versie? Of hebben zij hun website aangepast aan het Anysurfer label zodat deze pagina’s voor iedereen toegankelijk zijn? Is er een makkelijk leesbare versie gemaakt voor mensen die al die moeilijke woorden niet zo goed verstaan? Indien niet, dan is er een grote kans dat deze informatie niet geraakt tot bij alle burgers. Niet iedereen kan die informatie immers zonder problemen raadplegen in de standaardversie. Vooral voor mensen die makkelijk verstaanbare teksten nodig hebben, blijven nog heel wat vragen openstaan. Zijn deze makkelijke teksten voorhanden? Of dienen begeleiders de teksten samen met deze mensen door te nemen? Het is nog maar de vraag of begeleiders genoeg opgeleid zijn om deze assistentie te verlenen. En zijn al de politieke programma’s doorzichtig genoeg om te worden samengevat? Over deze materie is nog geen of veel te weinig onderzoek gedaan en zijn er geen tips voorhanden. Nochtans worden in deze verkiezingsperiode begeleiders en assistenten hier dagdagelijks mee geconfronteerd. Scoort men niet goed in een politiek debat dan verliest men meteen een aantal kiezers volgens de peilingen. Daarnaast gebruiken radio en TV deze debatten om politiekers te confronteren met elkaar over thema’s die de bevolking rechtstreeks raken. Het wordt al jaren aangekaart dat deze politieke debatten absoluut ontoegankelijk zijn voor veel mensen met een handicap. Voor doven zou een live-gebarentolk een hele verbetering kunnen brengen. Ondertiteling lijkt niet aangewezen omwille van het live-aspect. Bovendien geeft de Nederlandse taal toch nog een pak cognitieve problemen voor dove mensen die de Vlaamse gebarentaal en niét het Nederlands als moedertaal hebben. Op een klein kaartje staat een massa aan informatie gedrukt. Op de voorkant de persoonsgegevens, adres en bureaunummer van de stemlocatie, datum en uren. Op de achterzijde staat een halve bijbel gedrukt, die zelfs voor personen die perfect kunnen zien niet leesbaar is. De vraag is welke alternatieven hier kunnen geboden worden? Is het nodig dat men een kiesbrief kan aanvragen in braille of groot letter type? Het zijn vragen die nog open liggen maar waarop we nog wél een afdoend antwoord dienen te vinden voor de toekomst. Maar helemaal écht wordt het op de dag van de verkiezingen zelf. Voor mensen met een handicap is het niet altijd evident om zich naar het kieslokaal te begeven. Sommigen raken op eigen initiatief en eventueel met hulpmateriaal ter plaatse; anderen dienen beroep te doen op begeleiders en/of aangepast vervoer. En laat nu nét dit aangepast vervoer niet of met onvoldoende middelen werken op de verkiezingsdag. Hoe kan men dit nu over het hoofd zien? Voor een groot aantal personen die gebruik maken van deze diensten betekent dit dat zij niet ter plaatse raken, waardoor zij hun stem niet kunnen uitbrengen. Een eventuele volmacht kan nog gegeven worden maar tast het grondwettelijke beginsel toch wel aan. Volgens de laatste omzendbrief van Minister De Padt en Staatssecretaris Fernandez-Fernandez dient er voldoende aangepaste parkeerplaats voorzien te worden in de directe nabijheid van het stemlokaal. Een pluspunt, maar uiteraard is een parkeerplaats niet voldoende. Men moet ook nog zonder problemen van die parkeerplaats in het gebouw zelf raken. Mogelijk voldoet dit gebouw niet aan de moderne normen van toegankelijkheid, maar mits enkele kleine aanpassingen kunnen opstapjes en niveauverschillen overbrugd te worden. Het gezond verstand kan wonderen doen… net als een gesprek met de betrokken personen zelf. Deze stap kunnen we in twee zeer belangrijke (operaties) uit elkaar trekken: er is de technische toegankelijkheid voor de verschillende handicaps (grootte van het stemhokje, aangepaste hoogte van de tafel, eventueel aangepast lettertype, vocale begeleiding, …..) maar er is ook de vrije keuze van een begeleider-naar-keuze zodat de geheimhouding van het stemmen zoveel mogelijk kan gewaarborgd blijven. Dit laatste is een element dat nog lang niet zo bekend is bij de gemeentebesturen en hun respectievelijke voorzitters bij de verkiezingen. Het feit dat men een begeleider naar keuze mag meenemen om zich te laten assisteren bij het uitbrengen van de stem zelf, lijkt nog lang niet ingeburgerd. Dit zorgt op de stemvloer dan telkens voor heel wat discussie tussen voorzitters en de kiezer met een handicap. Nochtans is het wel degelijk een RECHT om zelf een begeleider te kiezen. (Zie art. 143 van het Algemeen Kieswetboek en de nota van de minister en staatssecretaris onder punt 2.) Ook deze stap is niet ondenkbaar. Immers, de manier van selecteren geeft geen enkel inzicht in het feit of de opgeroepen persoon een handicap heeft of niet. Hierover zijn nog té weinig gesprekken gevoerd en staan ook nog geen tips tot begeleiding op papier. Tenslotte is er nog veel te weinig communicatie en onderzoek gevoerd naar de mensen die wel opgeroepen werden, maar omwille van allerlei omstandigheden toch hun stem niet konden uitbrengen. Waarom hebben zij hun stem niet kunnen uitbrengen? Welke aanpassingen waren hiervoor nodig? Was er een communicatiepunt waar zij dit konden uiten? Werd er naar deze mensen geluisterd? Communicatie geeft oplossingen Toegankelijke Verkiezingen is geen makkelijke materie. Het heeft te maken met technische aanpassingen, maar vooral ook met de inhoudelijke toegankelijkheid. Dit laatste element is moeilijk in omzendbrieven en wetteksten vast te leggen. Het vergt inzicht én medewerking van de politiekers zelf: onze beleidsmakers van morgen die over materies als deze zullen beslissen. Door te luisteren naar de problemen die mensen met een handicap ondervinden om hun grondwettelijke plicht te vervullen, kan men dikwijls zeer gemakkelijk tot oplossingen komen. Hiervoor dient men voornamelijk op lokaal niveau de problemen op te lijsten en samen met de personen met een handicap naar een oplossing te zoeken. Oproep:
Meer informatie: |
|||
Column |
Vijf jaar geleden maakte GRIP een analyse van de toenmalige partijprogramma’s. Als we de vergelijking maken valt ons op dat de thema’s waarop gescreend werd grotendeels dezelfde waren (PGB, inclusief beleid, inclusief onderwijs – nu antidiscriminatiewetgeving –, horizontaal beleid op vlak van ondersteuning, beleidsparticipatie). Dit betekent dat de prioriteiten van GRIP niet echt veranderd zijn. Maar het betekent ook dat deze zaken in de afgelopen vijf jaar nog lang niet gerealiseerd zijn! Als we naar de inhoud van de verkiezingsprogramma’s kijken zien we dan ook dat een aantal thema’s gewoon terugkomen. Recht op zorg via het wegwerken van de wachtlijsten en het uitbouwen van PGB zijn zo’n programmapunten. Ook toen al was CD&V trouwens de enige partij die hier niet voluit op inzette. Jammer dat er juist een CD&V-minister van Welzijn kwam… Sommige maatschappelijke aandachtspunten zijn teruggeschroefd hoewel het in de praktijk knelpunten blijven. Inclusief onderwijs bijvoorbeeld was vijf jaar geleden prominenter aanwezig in de programma’s dan nu. De aandacht hiervoor is verslapt, hoewel het leerzorgkader niet gestemd is en er nog lang geen sprake is van een volwaardige keuzemogelijkheid voor inclusief onderwijs. Niet verwonderlijk wellicht, maar toch interessant om bevestigd te zien, is dat partijen vrij consequent blijven in hun prioriteiten. Partijen die vijf jaar geleden ook al ruime aandacht hadden voor mensen met een handicap, blijven die aandacht verfijnen - en omgekeerd. Maar gaan we nu eigenlijk vooruit of achteruit? Wellicht zullen we deze vraag pas echt goed kunnen beantwoorden na de verkiezingen en na de regeringsvorming. Het is dus wachten op het regeerakkoord en vooral op de bekendmaking van de verschillende beleidsnota’s van de ministers voor de volgende regeerperiode. Pas bij de analyse daarvan zullen we echt een zicht hebben op de prioriteiten van de volgende regering. De artikels uit deze nieuwsbrief krijgen daarom zeker nog een vervolg. Op vlak van de verkiezingsprogramma’s kunnen we in ieder geval wel zeggen dat we allerminst met rasse schreden vooruit gaan. De topics die GRIP belangrijk vindt zijn over het algemeen nog lang niet de topics waar politiek Vlaanderen van wakker ligt. Misschien heeft dit te maken met het feit dat er nauwelijks mensen met een handicap op de lijsten staan, laat staan op een verkiesbare plaats? De conclusie van dit verhaal is misschien niet zo verrassend: we hebben nog heel wat werk voor de boeg… Katrijn Ruts |
|||
Sluit aan |
Heb je voeling met onze werking en sta je achter onze standpunten, word dan sympathisant van GRIP (gratis). Het zal onze organisatie meer draagkracht geven bij het beïnvloeden van het beleid. Op deze link vind je een invulformulier. Dank ! |
|||
Archief |
Onze oudere nieuwsbrieven kan je bekijken op het deel nieuwsbrief van onze website |
|||
|
GRIP werkt met de steun van de Vlaamse Minister voor Gelijke kansen en de cel Gelijke Kansen in Vlaanderen. |